|
|
|
Meer info...
|
RNA interferentie: De grote Ebola trucIrene van ElzakkerMet dank aan AMC magazine, AMC Amsterdam Planten en insekten bestrijden virussen door hun genetisch RNA-materiaal aan te vallen. Dat doen ze door middel van RNA-interferentie. AMC-virologen komen met nieuwe aanwijzingen dat dit mechanisme ook bij de mens een belangrijke rol speelt in de afweer, en laten zien dat bepaalde humane virussen daar een antwoord op hebben. Zij gebruikten een stukje van het ebolavirus om hun punt te maken. Jong en populair
De ontdekkers van dit cellulaire mechanisme, Andrew Fire en Craig Mello, kregen er vorig jaar de Nobelprijs in de geneeskunde voor. Genen het zwijgen opleggen
‘Bij de mens is nog niet overtuigend bewezen dat RNAi belangrijk is in de strijd tegen virussen’, vertelt Ben Berkhout, hoogleraar Humane Retrovirologie. Indirect bewijs
Ebola
Trucs
Dat gaat vrij snel: nadat de eerste symptomen (koorts, zeer zware hoofdpijn en sterke pijnscheuten) zich voordoen, duurt het twee à drie dagen voordat de patiënt het leven laat, bloedend uit iedere lichaamsopening omdat alle organen aangetast raken. Cruciaal eiwit
Berkhout: ‘Virussen hebben al miljoenen jaren last van dat aangeboren immuunsysteem en vonden er allerlei trucs op om door die verdediging heen te breken. Sommige soorten, zoals ebola, zijn heel goed in het onderdrukken van de RNA-interferentie, een mechanisme dat, menen wij, een belangrijke troef is van het afweersysteem. Volgens ons bepaalt de aanwezigheid van een RSS-eigenschap mede hoe gevaarlijk een virus is.’ Hiv
Universeel mechanisme
Op zoek naar direct bewijs
Toekomst: nieuwe vaccins?
Voorlopig houdt deze zich bezig met de nieuwe mogelijkheden van RNA-interferentie, een gebied waarop pas sinds een jaar of vijf onderzoek wordt gedaan en waar dus nog veel in kaart te brengen valt. Zo houden Berkhout en zijn collega’s zich bezig met RNAi als manier om het aidsvirus de das om te doen. ‘Je zou je kunnen afvragen of het hout snijdt om een virus met RNA-interferentie te bestrijden, terwijl je weet dat bepaalde virussoorten dat mechanisme kunnen onderdrukken’, stelt de hoogleraar. ‘Toch blijkt de aanpak te werken, dat is inmiddels aangetoond. Waarschijnlijk is het een kwestie van timing. We prepareren T-cellen zodanig dat de RNAi-machinerie tegen HIV al is geactiveerd, en laten er vervolgens het aidsvirus op los. HIV kan dan niet snel genoeg reageren.’ Het originele artikel verscheen eerder in AMC magazine, het magazine van het AMC Amsterdam. Laatst bijgewerkt op 28 november 2007
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|