|
|
|
Meer info...
|
Schieten zonder kanonIrene van ElzakkerMet dank aan AMC Magazine, AMC Amsterdam Het zijn mooie tijden voor reumatologen. Ze slagen er steeds beter in om de gewrichtsontstekingen al vroeg de kop in te drukken, en beschikken inmiddels over een nieuwe klasse geneesmiddelen met minder bijwerkingen. Ook voor het onbekendere broertje SLE, een zeldzame vorm van reuma, zouden deze biologicals wel eens een kentering kunnen inluiden in de behandeling. Het AMC doet inmiddels mee aan een wereldwijde studie. Afweer platslaan
Om onbekende reden keert het afweersysteem zich tegen het lichaam, waar het ontstekingen veroorzaakt en talloze gezonde cellen beschadigt. Bij SLE kunnen die antistoffen flink huishouden in verschillende organen. ‘Ruim zestig procent van de patiënten komt in eerste instantie bij een arts terecht vanwege gewrichtsklachten’, legt Remans uit. Veel patiënten zijn extreem moe, hebben huidafwijkingen en een dood gevoel in de vingers, die van wit tot roodpaars kunnen verkleuren. Dat is vaak nog maar het begin van een gecompliceerde ziekte. Soms treden zware complicaties op, zoals stoornissen in de nierfunctie, bloedarmoede, neurologische klachten of hart- en longafwijkingen. De ziekte is grillig in zijn verloop. Jarenlang kan de aandoening sluimerend aanwezig zijn, om plots op te flakkeren en daarna weer uit te doven. Een griepje kan het startsein vormen voor SLE, en het is ook bekend dat uitgebreid zonnebaden of overmatige stress de ziekteverschijnselen kunnen uitlokken. Daarnaast maken vrouwelijke hormonen iemand gevoeliger voor de aandoening, terwijl mannelijke hormonen juist beschermen, reden waarom SLE zes tot negen keer vaker voorkomt bij vrouwen dan bij mannen. Geen snoepjes
Neem bijvoorbeeld Prednison, een anti-ontstekingsmiddel voor patiënten met ernstige complicaties. Remans: ‘Hoe langer je het slikt, des te meer problemen krijg je. Bekende bijwerkingen zijn diabetes, hoge bloeddruk – en die twee zaken leiden weer tot aantasting van de aderen door atherosclerose – en daarnaast botontkalking en staar. Ook word je er dik van. Twintig jaar geleden stierven SLE-patiënten zo rond hun dertigste nog aan de ziekte zelf, omdat hun nieren het begaven. Tegenwoordig overlijden ze rond hun zestigste aan een hart- of herseninfarct. En daar speelt Prednison een zeer belangrijke rol in.’ B-Cellen
Onderzoekers slaagden erin om monoclonale antistoffen te maken, antistoffen die slechts tegen één eiwit gericht zijn. Daarmee kun je bijvoorbeeld een receptor op het oppervlak van bepaalde cellen uitschakelen, zodat ze niet meer met andere cellen kunnen communiceren. Truc
De monoclonale antistoffen worden onder meer ingezet tegen reumatische artritis, waar anti-TNF inmiddels niet meer weg te denken is uit de behandeling. Ook de oncologie profiteert van de nieuwe ‘truc’ om bepaalde eiwitten te targeten. Zo is er de stof rituximab, die een bepaald soort afweercellen doodt, de B-cellen. ‘Het bleek een ideale stof voor de behandeling van B-cel leukemie’, zegt Remans. ‘Dat trok de aandacht van reumatologen, want B-cellen spelen een belangrijke rol in de gewrichtsontstekingen. Ook is het middel aan enkele SLE-patiënten toegediend bij wie niets meer hielp. En met goed resultaat.’ Nadeel is echter dat rituximab de B-cellen doodt. En als je dat een paar keer doet, maakt het lichaam geen nieuwe meer aan. Weg is weg, en dat betekent dat de patiënt zijn leven lang een minder goed werkende afweer heeft. Tijdelijke truc
Dat is voor het bestrijden van B-cel tumoren niet zo handig, maar voor SLE-patiënten is het een stuk aantrekkelijker. Zodra je stopt met de behandeling, zo is de redenering, beschik je nog steeds over al je B-cellen. Vallen ze na een tijdje weer lichaamseigen weefsel aan, dan kunnen ze opnieuw geblokkeerd worden door middel van een infuus dat om de acht weken gegeven wordt. Lat
In de VS en Europa zullen zo’n vijfhonderd mensen aan het onderzoek meedoen. Nederland, dat om en nabij de vijftienduizend SLE-patiënten telt, levert er vijftien. Het AMC, coördinator voor Nederland, doet dat samen met de universitaire medische centra van Leiden en Groningen. ‘Bij de acht patiënten die inmiddels zijn geïncludeerd zien we tot nu toe goede resultaten’, vertelt Remans. ‘Het is natuurlijk nog te vroeg om te speculeren, maar de verwachtingen zijn groot. Ik denk dat er uiteindelijk een biological zal komen die de anti-TNF van de SLE wordt. De aanpak werkt, dat is duidelijk, en daardoor is het behandelarsenaal van reumatische artritis al explosief toegenomen. De komende tien jaar zullen er zeker vijf à zes nieuwe biologicals bij komen. We willen de lat voor een goede behandeling van SLE net zo hoog leggen als bij reuma. Daar neemt een arts ook geen genoegen meer met de oude medicatie, want het verschil in resultaat is levensgroot. Iemand die de nieuwe behandeling voor artritis krijgt, marcheert ver voor de anderen uit.’ Het originele artikel verscheen eerder in AMC, het magazine van het AMC te Amsterdam. Laatst bijgewerkt op oktober 2006
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|