|
|
|
Meer info...
|
Genetische diagnostiekGenetica (Genomics) en medische biotechnologie vormen samen het leeuwendeel van biomedisch onderzoek. De toepassing van medische biotechnologie in de diagnose, preventie en behandeling wordt uitgelegd op biomedisch.nl. Meer over de toepassing van genetica vind je op deze pagina. Veel gehoorde termen, wat is nu wat?
Genetische diagnostiek bestaat uit stamboomonderzoek, chromosoomonderzoek, DNA diagnostiek (of DNA tests) en stofwisselingsonderzoek. Genetische diagnostiek
Overzicht van mogelijkheden voor genetische diagnostiek per aandoening. Pre-implantatie genetische diagnostiek (PGD) Pre-implantatie genetische diagnostiek (PGD) is een techniek waarbij genetische diagnostiek en voortplantingstechnologie samenkomen. Met deze relatief nieuwe methode is het mogelijk om ernstige genetische afwijkingen op te sporen in embryo’s tijdens een vroeg stadium van de ontwikkeling. Het gaat hierbij om aangeboren afwijkingen zoals taaislijmziekte, hemofilie, de ziekte van Huntington of ernstige erfelijke ziekten met een hoge kans van optreden bij het nageslacht. Voor PGD is een IVF-behandeling noodzakelijk. Na de bevruchting wordt een of worden twee cel(len) afgenomen van embryo’s die drie dagen oud zijn. In het laboratorium wordt vervolgens gekeken of de afwijking aanwezig is. Op basis van deze resultaten wordt op de vierde of de vijfde dag na de bevruchting besloten welke embryo’s in aanmerking komen om in de baarmoeder te worden geplaatst. De kans op zwangerschap na plaatsing is ongeveer 20 procent. Alleen embryo’s die de afwijking niet hebben komen in aanmerking. Hierdoor is het mogelijk de geboorte te voorkomen van kinderen met ernstige genetische afwijkingen zonder zwangerschappen te hoeven beëindigen. PGD is een alternatief voor prenatale diagnostiek, waarbij onderzoek tijdens de zwangerschap plaatsvindt en eventueel een abortus wordt uitgevoerd als de vrucht niet in orde blijkt. PGD is ook te gebruiken om vast te stellen of een embryo geschikt is als stamceldonor voor een zieke oudere broer of zus. Dit is echter alleen toegestaan wanneer het kind zelf ook een verhoogd risico heeft op de aandoening en staat in Nederland nog ter discussie. PGD is vooral geschikt voor ouderparen die drager zijn van een erfelijke afwijking, maar ook bij bepaalde (erfelijke) vruchtbaarheidsproblemen en afwijkingen aan de chromosomen. In Nederland mag de techniek alleen gebruikt worden als er sprake is van een ernstige erfelijke afwijking in de familie voorkomt; de overheid heeft bepaald voor welke afwijkingen PGD in beginsel toegepast mag worden. In Nederland heeft op dit moment het Academisch ziekenhuis Maastricht, als enige een vergunning voor PGD. Het genetische onderzoek vindt alleen plaats in Maastricht, maar voor de noodzakelijke IVF-behandeling kunnen ouders terecht in Maastricht maar ook in het UMC Utrecht en het UMC Groningen. Stamboomonderzoek
Chromosoomonderzoek
Hierbij worden vooral de erfelijke breuksyndromen en de niet-erfelijke bloedziekten onderzocht, zoals diverse soorten (pre-)leukemie. Er zijn verschillende methoden voor chromosomenonderzoek. FISH onderzoek
Van te voren is bekend zijn welke afwijking opgezocht moet worden, omdat er een specifieke marker aan een chromosoom wordt toegevoegd die een specifieke afwijking kan aantonen. Haplotypering
Dit komt doordat iedereen van beide ouders van elk chromosoom een exemplaar erft. Deze twee chromosomen wisselen willekeurige stukken met elkaar uit, voordat ze aan een volgende generatie worden doorgegeven. Karyotypering
DNA diagnostiek
DNA-diagnostiek kan rondom de zwangerschap naar aanleiding van een vlokkentest of vruchtwaterpunctie uitgevoerd worden. DNA-diagnostiek wordt ook ingezet voor het bepalen van de werking van een medicijn bij een patiënt. Dit is het vakgebied van de Farmacogenetica. Er zijn verschillende technieken beschikbaar om naar afwijkingen in het DNA te zoeken. Hieronder staan ze: DNA-chip/ microarray
DNA Fragment analyse
DNA sequentieanalyse
Pyrosequencen
SAGE (Serial analysis of gene expression)
Stofwisselingsonderzoek
Bijvoorbeeld door het bloed te controleren op afvalstoffen van biologische processen (metabolieten) om zo erfelijke stofwisselingziekten op te sporen. Dit onderzoek kan ook tijdens de zwangerschap plaatsvinden. Eelco Soeteman en Annette van Lonkhuyzen
Met dank aan Dr. Christine de Die - Smulders, Klinisch geneticus van het Academisch Ziekenhuis Maastricht
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|