|
|
|
Meer info...
|
Afweercellen aan het werkEls van den BrinkMet dank aan Cicero, LUMC Leiden Een bedrag van ruim één miljoen euro is door ZonMW toegekend aan LUMC-onderzoeker dr. Mirjam Heemskerk en haar collega’s van de afdeling Hematologie. Het geld is bedoeld om resultaten van eerder gentherapeutisch onderzoek verder te ontwikkelen en daadwerkelijk toe te passen bij de behandeling van leukemiepatiënten. Moeilijker en ingewikkelder
De ZonMW-subsidie is bedoeld om nog een paar laatste technische aspecten uit te zoeken en vervolgens de stap te zetten naar de toepassing bij patiënten. “Dan zullen we zien hoe realistisch het is om dit in te zetten als behandeling”, zegt Falkenburg. Bloedkanker
Zo ontstaat een nieuw bloedvormend systeem, inclusief een nieuw afweersysteem. Dat brengt het risico met zich mee dat de getransplanteerde (donor)afweercellen lichaamscellen van de patiënt kunnen gaan aanvallen: graft-versus-host-ziekte. Die kan de patiënt uiteindelijk zelfs fataal worden en daarom worden uit voorzorg deze afweercellen, de T-cellen, vooraf uit het transplantaat verwijderd. Zo ontstaat er geen graft-versus-host-ziekte, maar jammer genoeg ook geen graft-versus-tumor-effect. T-cellen kunnen namelijk ook tumorcellen aanvallen en daarmee de laatste tumorrestjes opruimen. T-cellen creëren
Omdat het lastig om alleen de tumorcellen te herkennen, bedachten de onderzoekers dat de T-cellen zich zouden kunnen richten op het complete bloedvormende systeem van de patiënt, als het daarbij het getransplanteerde bloedvormende systeem van de donor maar intact laat. Antigenen
Heemskerk ging op zoek naar T-cellen die zich specifiek richten op minor antigenen die alleen op het bloedvormend systeem aanwezig zijn. Samen met haar collega Marieke Griffioen isoleerde ze uit deze T-cellen de T-celreceptor, het eiwit dat zorgt voor de specificiteit, en plaatste dat door gentherapie over in andere T-cellen. Langer tumorcellen aanvallen
Na de gentherapie kunnen deze T-cellen niet alleen virusdeeltjes aanvallen, maar ook cellen uit het bloedvormend systeem met de specifieke minor antigenen, waaronder de tumorcellen. Heemskerk legt uit: “Doordat die virusdeeltjes continu aanwezig zijn, overleven deze T-cellen langer en kunnen ze dus langer tumorcellen aanvallen. Omgekeerd is het ook gunstig dat ze de virusdeeltjes opruimen, omdat patiënten na de transplantatie een verminderde afweer hebben.” Ouderen
“De uiteindelijke behandeling is relatief simpel. Na de stamceltransplantatie bekijken we bij patiënt en donor welke minor antigenen precies aanwezig zijn en isoleren we virusspecifieke T-cellen van de donor. We rekenen een dag of tien voor de gentherapie en daarna zal het voor de patiënt een eenvoudige poliklinische behandeling zijn met een infuus met een zakje cellen.” Zover is het nu nog niet, maar met de nieuwe subsidie hopen de onderzoekers over een jaar of vijf dat punt wel te bereiken. Het originele artikel verscheen eerder in Cicero, het magazine van het LUMC te Leiden. Laatst bijgewerkt op juni 2007
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|