Logo Erfocentrum
Meer info...

 ikoontje: map Immuunceltherapie  ikoontje: nieuws Nieuws

 ikoontje: tekst asbestkanker
 ikoontje: tekst beenmergkanker
 ikoontje: tekst huidkanker
 ikoontje: tekst leukemie
 ikoontje: tekst slokdarmkanker

 Folders over biomedisch onderzoek

home  |  nieuws  |  stel een vraag  |  publicaties  |  deze site  |  sitemap

Maak een print van deze pagina


Immuunceltherapie:
Een kleurloos wapen tegen huidkanker

John Ekkelboom
Met dank aan AMC Magazine, AMC Amsterdam

Immuuntherapie zou wel eens een veelbelovende aanpak kunnen worden tegen melanomen. Maar de huidige methoden behoeven verbetering.

AMC-immunologe Rosalie Luiten gaat proberen het effect te versterken van de T-cellen, de afweercellen die de kwaadaardige huidtumoren moeten doden. Daarnaast wil ze een test ontwikkelen die voorspelt of de therapie zal aanslaan. Bijzondere invalshoek van haar onderzoek is dat Luiten verbanden legt met de huidziekte vitiligo.


Een melanoom
Een melanoom

Melanoom
Een melanoom ontstaat uit pigmentcellen in de huid, die zich ongebreideld beginnen te vermenigvuldigen. Het is de meest agressieve vorm van huidkanker die slecht reageert op chemotherapie en bestraling.

Van de circa 2500 patiënten die jaarlijks in Nederland worden ontdekt, overlijdt ongeveer twintig procent aan de gevolgen van de uitzaaiingen. Gezien dit grote aantal sterfgevallen wordt er wereldwijd gezocht naar een nieuwe, effectievere aanpak.

Immuuntherapie
Eén van de behandelingen waar onderzoekers veel van verwachten is immuuntherapie. Het idee voor een dergelijke benadering is gebaseerd op toevallige bevindingen dat melanomen bij sommige patiënten spontaan verdwijnen, wat bij vrijwel geen enkele andere tumorsoort ooit is geconstateerd.

Nader onderzoek toonde aan dat de patiënten dit te danken hebben aan een actieve afweer tegen de melanoomcellen. ‘Eigenlijk is het vreemd, omdat deze kankercellen lichaamseigen cellen zijn. Het is dus een interessant fenomeen waar we eventueel gebruik van kunnen maken’, zegt immunologe Rosalie Luiten.


Witte vlekken
Luiten, die in het AMC staflid is van zowel de afdeling Dermatologie als van de Stichting Nederlands Instituut voor Pigmentstoornissen (SNIP), doet al jaren onderzoek naar immuuntherapie voor melanomen. Ze begon daarmee in het Nederlands Kanker Instituut/Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis (NKI/AVL) in Amsterdam.

Daar werkte ze mee aan een klinische studie naar deze behandelvorm bij 28 uitbehandelde patiënten met melanoom stadium IV. Zij kregen een vaccin met eigen huidkankercellen die van tevoren waren bestraald. De cellen waren bovendien voorzien van een gen dat codeert voor een eiwit dat het afweersysteem stimuleert.

‘De therapie bleek in sommige gevallen aan te slaan en werd goed verdragen. Zes patiënten overleefden zelfs langer dan zes jaar’, vertelt Luiten. ‘Opvallend was dat een aantal van hen vitiligo als bijwerking kreeg.

Dat is een aandoening waarbij witte vlekken op de huid ontstaan doordat pigmentcellen verdwijnen. De T-cellen die door de vaccinatie waren opgewekt, richtten zich dus zowel op de gewone als op de ontspoorde pigmentcellen.’

Vitiligo
Patiënt met Vitiligo

Autoimmuunziekte
Volgens Luiten is er bij vitiligo vrijwel zeker sprake van een autoimmuunziekte. Dat bewijs heeft ze, mede dankzij een Vidi-subsidie van NWO, al grotendeels geleverd.

Dit deed ze via een zogenaamd explant systeem, dat ze samen met collega’s ontwikkelde. Hierbij worden niet, zoals gewoonlijk, losse cellen bestudeerd maar het complete samenspel van processen in een huidbiopt. Zo is het mogelijk de werkelijkheid na te bootsen en een brug te slaan tussen het laboratorium en de kliniek.

Ze toont foto’s van het onderzoek waarop duidelijk is te zien dat T-cellen massaal aanwezig zijn in de vitiligoplekken. ‘We hebben deze T-cellen ook geïsoleerd en ingebracht in een stukje gezonde huid dat we van dezelfde persoon hadden afgenomen. Het bleek dat ze uitsluitend de pigmentcellen aanvielen. Ze zijn dus zeer specifiek.’


Yin en Yang
Hoewel Luiten heeft aangetoond dat vaccineren met melanoomcellen kan leiden tot activering van specifieke T-cellen, moet deze therapie worden geoptimaliseerd om tot betere resultaten te komen.

Daar gaat zij de komende jaren aan werken, waarvoor ze een subsidie heeft gekregen van KWF Kankerbestrijding. Hiervoor werkt ze samen met dr. Florry Vyth-Dreese van het NKI/AVL, prof.dr. Kees Melief van het Leids Universitair Medisch Centrum en prof.dr. Jan-Paul Medema, AMC-hoogleraar Experimentele oncologie en radiobiologie.

De immunologe gaat er vanuit dat mensen die spontaan vitiligo ontwikkelen, waarschijnlijk minder snel een melanoom krijgen. Dit leidt ze af uit het gegeven dat de gevaccineerde melanoompatiënten die vitiligo kregen, meer kans hebben op overleving.

‘Je kunt het zien als een soort yin en yang-situatie. Vitiligopatiënten hebben te veel immuniteit en melanoompatiënten juist te weinig. Beide ziekten zijn tegenpolen. Bij een melanoom moeten we proberen daar balans in te brengen door bijvoorbeeld een aanval uit te lokken op de pigmentcellen.’

Maar de huidkankercellen blijken ook over een mechanisme te beschikken dat zo’n dodelijke aanval afweert. Dit kan volgens de onderzoeker worden onderdrukt door afweeractiverende cytokines toe te voegen ter ondersteuning van de T-cellen.

Een andere invalshoek waaraan Luiten denkt, is het opheffen van de remmende werking van het melanoom op de T-cellen.

Gouden regels
Gezien de complexiteit van de aandoening en het afweersysteem verwacht Luiten dat er straks meerdere soorten vaccins zullen komen. Maar, zo benadrukt ze, die behoren allemaal wel aan een aantal gouden regels te voldoen: ze moeten het afweersysteem activeren, tumorspecifiek zijn en in staat zijn de opgewekte T-cellen naar het tumorweefsel te leiden.

Naast het actief vaccineren ziet Luiten ook kansen voor het toedienen van T-cellen die uit het bloed van de patiënt zijn gehaald en in het laboratorium zijn opgekweekt. Het grote voordeel is dat er dan veel actieve cellen snel en tegelijkertijd in actie komen. Uiteraard moeten die wel het gewenste doel aanvallen.


Prognostische test
Verder willen de onderzoekers een test ontwikkelen die kan voorspellen of een melanoompatiënt wel of niet zal reageren op immuuntherapie. Luiten legt uit dat daarvoor een stukje gezonde huid en een stukje melanoomweefsel van een patiënt nodig zijn.

Aangezien het wegsnijden van een huidtumor altijd ruim gebeurt, is er telkens voldoende van beide monsters voorhanden. Deze kunnen dan met het explant systeem worden onderzocht. Door het toevoegen van T-cellen, gewonnen uit het bloed van de patiënt zelf, wil Luiten kijken of deze zowel de pigmentcellen als de melanoomcellen doden.

‘Als ze de pigmentcellen doden, dan zijn die T-cellen in orde. De vraag is vervolgens of ze ook de melanoomcellen aanpakken. Doen ze dat wel, dan zal immuuntherapie zonder meer zinvol zijn. Blijken de melanoomcellen de dans te ontspringen, dan zullen we de T-cellen nog een extra handje moeten helpen.

Op deze wijze kunnen we maatwerk leveren. Het streven is in de toekomst zo snel mogelijk te testen of iemand kandidaat is voor immuuntherapie.’

Het originele artikel verscheen eerder in AMC, het magazine van het AMC te Amsterdam.

Laatst bijgewerkt op maart 2006

 

Telefoon Erfocentrum: 0900-6655566 0900-6655566
25 cent per minuut
ma. en do. 10:00 tot 15:00 uur
Telefoon Erfocentrum: 0900-6655566
Mail Erfocentrum: erfocentrum@erfocentrum.nl erfolijn@erfocentrum.nl Mail Erfocentrum: erfocentrum@erfocentrum.nl

© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie.

Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica.