Logo Erfocentrum
Meer info...

 ikoontje: map Nutrigenomics
 ikoontje: nieuws Nieuws

 Coeliakie
 Blaaskanker
 Metabool syndroom

 Brochures over biomedisch onderzoek

home  |  nieuws  |  stel een vraag  |  publicaties  |  deze site  |  sitemap

Maak een print van deze pagina


Vette lever

Raymon Heemskerk
Met dank aan Cicero, LUMC Leiden

Vijftien procent van de Nederlanders heeft het, maar je hoort er nog niet zoveel over. Dat verandert misschien als biomedicus Peter Voshol ontdekt hoe het metabool syndroom precies ontstaat. Hij heeft een Vidi-subsidie gekregen om het te onderzoeken.

Syndroom X
“Sinds begin jaren negentig wordt de term syndroom gebruikt voor klachten die vaak samen blijken op te treden, zoals overgewicht en problemen met de vethuishouding”, vertelt Voshol. “Het werd eerder ook wel aangeduid met de mysterieuze naam ‘syndroom x’.”

Het metabool syndroom staat de laatste tijd steeds meer in de belangstelling vanwege het stijgende aantal wereldburgers dat te zwaar is. Vijftien procent van de Nederlanders lijdt aan het syndroom.

Kenmerkend voor het syndroom zijn, naast overgewicht, een hoge bloeddruk, verminderde gevoeligheid voor insuline en een ongunstige samenstelling van de vetten in het bloed. De kans op het krijgen van suikerziekte (diabetes) en hart- en vaataandoeningen is hierdoor sterk verhoogd.

Diabetes type 2
“De scheidslijn tussen metabool syndroom en type 2 diabetes is vaag. Wel kan het metabool syndroom vaak nog overgaan als iemand afvalt door gezonder te eten en meer te bewegen. Voor diabetes type 2 gaat dat meestal niet meer op.”

Ontstekingsfactoren
Een belangrijke vraag die nog openstaat, is hoe de verschillende factoren bij het metabool syndroom precies samenhangen. Dat vetten een belangrijke rol spelen zal niemand verbazen. Minder bekend is dat er ook ontstekingsfactoren bij komen kijken. “Het blijkt dat bij mensen met het metabool syndroom ontstekingsreacties in het lichaam optreden zonder dat er een virus of bacterie aan te pas komt.

We hopen de komende vijf jaar meer duidelijkheid te krijgen over de rol van deze ontstekingen bij het ontstaan van ziektes die met het metabool syndroom samenhangen. Een vraag is bijvoorbeeld of de vethuishouding verantwoordelijk is voor de ontstekingsreactie.”


Lever
In het onderzoek dat uitgevoerd wordt door de afdeling Endocrinologie van prof. dr. Hans Romijn en de lipidengroep van prof. dr. ir. Louis Havekes staat de lever centraal. Voshol: “Dat is altijd het probleem bij dit soort onderzoek: naar welk orgaan kijk je.

We richten ons nu vooral op de lever vanwege zijn centrale rol in de vet- en glucosehuishouding, maar misschien gebeuren er ook belangrijke dingen in bijvoorbeeld het vetweefsel of de spieren. Daarom zullen we daar ook naar kijken.”

Diabetesfonds
Voor dit grote project is Voshol van plan minstens drie aio’s aan te nemen. Hiervoor kan hij in totaal ongeveer een miljoen euro besteden, want naast de vidi-subsidie stelt het Diabetesfonds ook een career development beurs beschikbaar voor zijn onderzoek. De 37-jarige onderzoeker denkt dat zijn internationale contacten belangrijk zijn geweest bij het toekennen van de subsidies.

“Op een congres heb ik contact gelegd met prof. dr. Steve Shoelson van het grootste onderzoekscentrum op het gebied van suikerziekte, het Joslin Diabetes Center in Boston. Zij hebben muizen zodanig genetisch veranderd dat je een ontstekingsreactie in de lever aan en uit kunt zetten. Als een ontstekingsreactie aan de gang is, worden ze resistent voor insuline en ontwikkelen ze steatose – vervetting van de lever. Dat leidt vervolgens tot diabetes.”


Boston
Boston Het onderzoek zal voor een groot deel gedaan worden aan de genetische gemanipuleerde muizen. Hiervoor vindt een uitruil plaats: Voshol zal een deel van het onderzoek in Boston verrichten, de muizen vliegen waarschijnlijk eind dit jaar naar Nederland. “Zij hebben de muizen, wij hebben meer expertise op het gebied van de vetstofwisseling”, aldus Voshol.

Het originele artikel verscheen eerder in Cicero, het magazine van het LUMC te Leiden.

Laatst bijgewerkt op 1 september 2006

 

Telefoon Erfocentrum: 0900-6655566 0900-6655566
25 cent per minuut
ma. en do. 10:00 tot 15:00 uur
Telefoon Erfocentrum: 0900-6655566
Mail Erfocentrum: erfocentrum@erfocentrum.nl erfolijn@erfocentrum.nl Mail Erfocentrum: erfocentrum@erfocentrum.nl

© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie.

Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica.