|
|
|
Meer info...
|
Mobiliserende beenmergcellenJan Hein van DierendonckMet dank aan Cicero, LUMC Leiden Voor wie lijdt aan etalagebenen of onvoldoende kracht heeft om de arm te buigen is een simpele remedie in de maak: verzwakte spieren oppeppen door er onrijpe witte bloedcellen in te spuiten, geïsoleerd uit het beenmerg van de patiënt. Het lijkt te werken, al weet nog niemand hoe. ‘We zien hele mooie dingen: patiënten die eerst het huis niet meer uitkwamen en nu weer boodschappen gaan doen. Maar we moeten nog bewijzen dat het echt werkt en niet komt door een placebo-effect’. Vaatchirurgisch onderzoeker dr. Jan Lindeman is er voorzichtig optimistisch over: intermitterende claudicatie (‘etalagebenen’, zo genoemd omdat de lijders bij etalages maskeren dat ze maar heel korte stukjes kunnen lopen) behandelen door in de kuitspier van het aangedane been cellen te spuiten die zijn geïsoleerd uit beenmerg van de betreffende patiënt (autoloog beenmerg). Zeer pijnlijke kramp
Amputatie Lindeman: ‘Enige jaren geleden publiceerden Japanse onderzoekers in het toonaangevende tijdschrift The Lancet een procedure waarbij een halve liter beenmerg werd opgezogen uit het heupbeen van deze patiënten. Hieruit werden ongeveer één miljard onrijpe witte bloedcellen geïsoleerd, die men vervolgens op veertig plaatsen in aangedane kuitspieren spoot.’ 250 meter
Pijnbeleving Toch wil hij volledig uitsluiten dat de spectaculaire verbeteringen zijn veroorzaakt door het geprik in de spieren of hernieuwde hoop bij patiënten. Daarom is het vervolgonderzoek zó opgezet dat patiënt noch arts weten of ze nu echt cellen inspuiten of niet. Ook wil hij nagaan wat de behandeling doet bij diabetespatiënten. ‘Diabetes is een belangrijke oorzaak van ernstige claudicatie en heeft een slechte prognose. Er zijn aanwijzingen dat beenmergcellen bij deze patiënten minder goed functioneren. Deze groep patiënten gaan we daarom apart bestuderen.’ Vervetting
Motorongeluk Hogendoorn: ‘Deze patiënten krijgen neurochirurgie, maar desondanks kan de functionaliteit van de arm onvoldoende zijn. In die gevallen worden pees-spierverplaatsingsoperaties gedaan.’ Al in 1918 is door een de Oostenrijks-Amerikaanse orthopeed Arthur Steindler een operatie bedacht waarbij andere, nog goed functionerende spiergroepen zo worden verplaatst dat deze de functie van de verzwakte spier overnemen. ‘Een zeer zware operatie, die we overbodig willen maken door de conditie van de spieren die aangedaan zijn door het zenuwletsel te verbeteren. Een voorwaarde is wel dat bij deze patiënten een verbinding tussen de zenuwbanen en de spier bestaat.’ Herstel van zenuwweefsel
We kijken met verschillende technieken naar het effect. Met behulp van een ct-scan stellen we vast hoe de verhouding is tussen vet- en spierweefsel in de spier.’ De eerste voorlopige gegevens hebben haar niet teleurgesteld. Hoe werkt het? Gaat het om stimulering van vaatcellen? Spiercellen? Zenuwcellen? Gaat het om groeifactoren in het beenmergvocht of blijven de ingespoten witte bloedcellen deze factoren aanmaken? Of gaat het om in het beenmerg aanwezige stamcellen, die in de spier uitgroeien bloedvaten, spiercellen of zenuwweefsel? Verder onderzoek zal het leren. Het originele artikel verscheen eerder in Cicero, het magazine van het LUMC te Leiden. Laatst bijgewerkt op 30 november 2007
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|