|
|
|
Meer info...
|
Meeliften op de maandelijkse stonde, een goede startEddy BrandMet dank aan Triakel, UMC Groningen Een hoger geboortegewicht, een spectaculaire daling van het aantal meerlingen en minimale risico's voor de moeder. Resultaten die voortplantingsgeneeskundigen van het UMC boeken met de zogeheten 'eigen cyclus IVF'. Hormonen komen er nauwelijks meer aan te pas. 'We proberen onze patiënten wel meer geduld bij te brengen'. De resultaten werden deze maand gepresenteerd op het jaarlijkse congres van de American Society for Reproductive Medicine in Philladelphia. Uit het onderzoek blijkt ondermeer dat kinderen die via een eigen cyclus IVF worden geboren gemiddeld 3459 gram wegen, ruim 270 gram meer dan na een standaard IVF-behandeling. 'Bovendien is het aantal meerlingzwangerschappen sterk verminderd sinds we met deze behandelmethode begonnen zijn', zegt drs. Arnold Simons, hoofd van de IVF-kliniek van de afdeling Obstetrie en Gynaecologie. 'Ons percentage tweelingen is in enkele jaren gedaald van ruim 25 procent naar amper tien procent in 2002. En we verwachten dat dit de komende jaren nog verder zal dalen.' Bij de eigen cyclus IVF wordt alleen die ene eicel gebruikt die tijdens de normale menstruele cyclus tot wasdom komt. Deze rijpe eicel wordt vóór de eisprong uit haar blaasje in de eierstok gezogen, waarna in het laboratorium de eigenlijke bevruchting plaatsvindt. Drie dagen later wordt het prille embryo in de baarmoeder teruggeplaatst. Helemaal hormoonloos is de behandeling overigens niet. In de praktijk wordt nog wel een kleine hoeveelheid andere hormonen toegediend, waaronder een GnRH-antagonist, om een voortijdige eisprong te voorkomen. Men spreekt daarom ook wel van een 'gemodificeerde' eigen cyclus IVF. In onbruik
Met deze zogeheten ovariële hyperstimulatie nam de effectiviteit van de in vitro fertilisatie sterk toe. Hoe meer hormonen men toediende, hoe meer eicellen uitrijpten, hoe meer embryo's teruggeplaatst konden worden, hoe hoger de zwangerschapskans werd. Aanvankelijk werden er dan ook vier, vijf, soms wel zeven embryo's teruggeplaatst. Dat miste zijn uitwerking niet. Dankzij de hyperstimulatie schommelt de kans op een 'doorgaande' zwangerschap tegenwoordig in Nederland rond de 20 procent per IVF behandeling. Hyperstimulatie heeft, zo bleek al snel, ook een keerzijde. Door meerdere embryo's terug te plaatsen nam het aantal meerlingzwangerschappen fors toe, met alle complicaties van dien. Vier-, drie- en tweelingen lopen een grotere kans op vroeg- en doodgeboorte, groeiachterstand, aangeboren afwijkingen en blijvende handicaps. Bovendien is de hormoonbehandeling niet zonder risico voor de moeder. Een teveel aan hormonen kan namelijk leiden tot het ovariële hyperstimulatesyndroom (OHSS), een levensbedreigende complicatie die wereldwijd zo'n 15.000 vrouwen per jaar treft, dat is 5 procent van alle wensmoeders die de hormoonbehandeling ondergaan. Elegante methode
Bovendien kwamen er in dezelfde periode patienten die voor de tweede keer geholpen wilden worden, hetzij omdat hun eerste tweeling te vroeg of dood geboren was, hetzij omdat ze na een gezonde tweeling nog een volgend kind wilden. Uiteraard wilden ze perse niet nog eens een tweeling. Al zoekende kwamen we toen uit bij de eigen cyclus, als een hele elegante methode om de hele vruchtbaarheidsbehandeling met slechts één eicel uit te voeren.' Met een bijdrage uit het stimuleringsfonds van het AZG en een ZonMW-subsidie startte de afdeling, onder leiding van prof. dr. Maas Jan Heineman, in februari 2001 een onderzoek naar de effectiviteit van de gemodificeerde eigen cyclus IVF. Aan het onderzoek deden in totaal 310 'wensmoeders' mee, die elk één tot negen behandelingen ondergingen. Vijftig van hen kwamen in aanmerking voor Intracytoplasmatische Spermatozoa Injectie (ICSI). Bij deze procedure wordt één zaadcel rechtstreeks in de eicel geïnjecteerd. ICSI wordt vooral gebruikt bij mannelijke fertiliteitsstoornissen. 'De kans op een zwangerschap ligt bij een eigen cyclus IVF lager dan bij hyperstimulatie, omdat je per definitie maar één embryo terugplaatst', legt artsonderzoeker drs. Marie José Pelinck uit. 'Daar staat tegenover dat de behandeling een stuk minder belastend is, en in principe elke maand herhaald kan worden. Doel van het onderzoek was te achterhalen wat de cumulatieve kans op zwangerschap dan van opeenvolgende cycli is, maar ook hoe lang de ouders in spé het kunnen volhouden.' Drop-outs
ICSI-patiënten doen het niet veel slechter. 'Ook hier is de zwangerschapskans na drie cycli ongeveer dertig procent', aldus artsonderzoeker drs. Niels Vogel. 'Eerlijk gezegd hadden we nog wel hogere percentages verwacht. Deze vrouwen hebben doorgaans geen vruchtbaarheidsproblemen, en zijn bovendien jonger dan de gemiddelde IVF-patiënt. Maar dat blijkt niet zo te zijn. Niet alle wensouders houden het even lang vol. Na één poging houdt zeven procent van de paren het voor gezien, na drie eigen cycli ligt het percentage drop-outs rond de 20. 'Dat zijn uitvalpercentages die niet ongebruikelijk zijn binnen de voortplantingsgeneeskunde', meent Simons. "Maar het geduld wordt bij deze methode wel meer op de proef gesteld. De meeste patiënten krijgen immers meerdere behandelingen om hen een reële kans te geven zwanger te worden. Je moet hen nog wel eens motiveren om door te gaan. We houden hen daarom vaak voor dat de kans om 'normaal' zwanger te worden ook maar één op vijf is. Dat is een beperking, maar ook een zekerheid die de natuur biedt." Dat het geboortegewicht bij de eigen cyclus IVF fors hoger ligt, kwam voor onderzoekster drs. Marjan Keizer als een verrassing. 'Het is heel opmerkelijk. Een mogelijke verklaring is dat de hormoonbehandeling slechter is voor het implantatiemilieu in de baarmoeder. Maar ik sluit niet uit dat ook de patiëntengroepen van elkaar verschillen. Mensen die een eigen cyclus IVF krijgen, zijn over het algemeen wat kansrijker dan de gemiddelde hyperstimulatiepatiënt.' Eigen stiel
Menzis/Achmea is daarmee akkoord gegaan, omdat we konden aantonen dat het aantal meerlingzwangerschappen in onze kliniek enorm is gedaald. Dat was voor de zorgverzekeraar een belangrijk punt. Achmea heeft daarom ook fors geïnvesteerd in onze organisatie. We hebben bijvoorbeeld meer mankracht gekregen om meer cycli te kunnen doen.' Binnen dit zorgvernieuwingsproject beginnen alle vrouwen onder de 35 jaar met zes eigen cyclus behandelingen. Alleen vrouwen die geen of een zeer onregelmatige menstruatie cyclus hebben, die ouder dan 35 zijn, of bij wie de eigen cyclus behandeling niet heeft gewerkt, krijgen nog de hormoonbehandeling aangeboden. Inmiddels heeft de kliniek meer dan duizend cycli bij zo'n 350 vrouwen uitgevoerd, waardoor het in één klap wereldwijd 'marktleider' is geworden op het gebied van de eigen cyclus IVF. 'Die eigen cyclus begint zo langzamerhand onze stiel te worden', besluit Vogel. Laatst bijgewerkt op 28 september 2005 Het originele artikel verscheen eerder in Triakel, nummer 5, 30 oktober 2004, het magazine van het UMC Groningen.
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|