|
|
|
Meer info...
|
Hartversterkers: stamceltherapie als aanvulling op dotterbehandelingHuup DassenMet dank aan Triakel, UMC Groningen Een hartinfarct. Eén van de kransslagaderen die de hartspier van bloed voorzien is dichtgeslibd. Een deel van de spier raakt verstoken van zuurstof en loopt ernstige schade op. Arts-onderzoeker Pieter van der Vleuten verzorgt de Groningse bijdrage aan een landelijke studie waarin wordt onderzocht in hoeverre stamcellen de schade kunnen repareren door het getroffen gebied van nieuwe bloedvaten te voorzien. Van der Vleuten's onderzoek maakt deel uit van de zogeheten Hebe-studie, genoemd naar de Griekse godin van de jeugd. Voordat de studie begon, is in dierexperimenteel onderzoek aangetoond dat stamcellen uit beenmerg en bloed zich kunnen ontwikkelen tot hartspiercellen en kleine bloedvaten. 'Het zou natuurlijk fantastisch zijn als we op deze manier de kapotte hartspiercellen zouden kunnen vervangen, maar ik denk dat het effect op de groei van nieuwe vaten belangrijker is. Dat op zich geeft patiënten met een betrekkelijk groot hartinfarct al betere vooruitzichten.' Alle patiënten die met zo'n infarct in het UMCG komen, ondergaan een dotterbehandeling. Meestal wordt daarbij ook een stent geplaatst, een buisvormig gaasje dat het vat open helpt houden. Op een MRI-scan is dan te zien welk deel van de hartspier beschadigd is. Dat is dunner en beweegt niet mee met de hartslag. Het gebied is doorgaans groter naarmate het langer duurde voor de patiënt gedotterd werd. Hebe-studie
Stamceltransplantatie
Controlegroep
Beenmerg bevat verschillende soorten stamcellen waarvan alleen de zogeheten mononucleaire cellen worden gebruikt. Deze geven namelijk stoffen af die de vorming van bloedvaten bevorderen. Als de mononucleaire cellen uit het beenmergmonster zijn geïsoleerd, wordt bij de patiënt opnieuw een katheter ingebracht, net als bij de dotterbehandeling. Deze wordt naar de stent geschoven. Ballonnetje
Het hart kan die onderbreking wel hebben, maar voor de zekerheid meten we naderhand altijd of er schade is ontstaan. Dat gebeurt eigenlijk nooit. Daarna gaan de mensen naar de hartbewaking ter observatie en komen ze in hetzelfde controleschema dat voor alle infarctpatiënten geldt.' Cellen uit bloed of beenmerg
Meer informatie over verschillende bronnen van stamcellen, zoals embryo's, beenmerg, navelstrengbloed en vetweefsel. Zijn de stamcellen eenmaal toegediend, dan kunnen de patiënten naar huis en komen ze na één maand, vier maanden en één jaar weer terug. 'Na één maand doen we een Holter-registratie. Ze krijgen een kastje mee, waarmee gedurende 24 uur het hartritme geregistreerd wordt om ze op ritmestoornissen te controleren. Na vier maanden herhalen we de echo, krijgen ze een inspanningstest en uiteraard een MRI om te zien of het infarctgebied al kleiner is geworden. Bovendien worden ze dan nog eens gekatheteriseerd om te kijken of het getroffen vat nog mooi open is. Na een jaar doen we hetzelfde. In wezen zijn dit de normale controles, alleen uitgebreider.' Optimistisch
Duits onderzoek
Veiligheid
Tijdstip van toediening
Het originele artikel verscheen eerder in Triakel 3 , 30 juni 2006, het magazine van het UMC Groningen. Laatst bijgewerkt op 4 juli 2006
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|