|
|
|
Meer info...
|
Strijd tegen een vernuftige bacterieWilly van StrienMet dank aan Cicero, LUMC Leiden Bloedzuigende teken zijn van zichzelf niet gevaarlijk, maar ze kunnen de ziekte van Lyme overdragen. Door goed te kijken hoe die overdracht verloopt, hoopt prof. dr. Erol Fikrig aanknopingspunten te vinden om de ziekte te bestrijden. De ziekte van Lyme is in West Europa pas een dikke twintig jaar als zodanig bekend. “Maar hij moet, zonder dat artsen wisten wat het was, zeker al vanaf 1920 voorkomen”, zegt prof. dr. Erol Fikrig, die als Boerhaave-hoogleraar is verbonden aan het LUMC. Hij werkt samen met dr. Alje van Dam (Medische Microbiologie) aan de ziekte van Lyme, waarover hij op 1 juni 2006 de Boerhaave-lezing hield. Zijn heldere uitleg kan niet verbloemen dat zijn onderzoek behoorlijk ingewikkeld is. De ziekte van Lyme is een infectieziekte en de ziekteverwekker is de spiraalvormige bacterie Borrelia burgdorferi. Die kan zich in verschillende delen van het lichaam nestelen en veroorzaakt dan verschillende ziektebeelden. In gewrichten geeft hij een reuma-achtige ontsteking, in het zenuwstelsel veroorzaakt hij neurologische klachten en in het hart ritmestoornissen. Bos en veld
De besmetting kan zich ook na een paar dagen verraden via griepachtige verschijnselen. Maar soms blijft de bacterie lang onopgemerkt. Hoe langer hij zijn gang kan gaan, hoe moeilijker genezing met antibiotica is. “Daarom zou het mooi zijn als er een vaccin was. Verschillende onderzoekers zijn daarnaar op zoek”, zegt Fikrig. Hijzelf betrekt de intrigerende wisselwerking tussen bacterie en teek bij die zoektocht. Een teek begint als eitje, leeft vervolgens een jaar als larf, dan een jaar als nimf en tenslotte als volwassen dier. Als larf, nimf en als volwassen dier neemt hij steeds één bloedmaal waarvoor hij drie à zeven dagen vastzit aan zijn slachtoffer. Als dat een muis is die Borrelia bij zich draagt, neemt een teek met het bloed ook bacteriën op en die hechten zich via speciale eiwitten op hun oppervlak vast aan zijn darm. De teek laat los als hij verzadigd is en vervolgens leiden de bacteriën in zijn darm maandenlang een slapend bestaan, tot de teek is verveld en opnieuw een bloedmaal neemt bij een muis – en soms een mens. Fikrig: “Dan verandert de bacterie dramatisch. Hij vermenigvuldigt zich meer dan honderdvoudig, maakt andere oppervlakte-eiwitten, komt los van de darm en verhuist naar de speekselklieren van de teek.” Cocktail
“We bedachten dat de bacterie misschien stoffen uit het tekenspeeksel gebruikt om te kunnen verhuizen en zich in het nieuwe milieu te kunnen handhaven. Het speeksel is een cocktail van stofjes. Het slachtoffer voelt de teek niet, doordat er verdovende stoffen in zitten. Het speeksel bevat bovendien antistollingseiwitten en ontstekingsremmende stoffen.” Met een serie proeven ontdekten hij en zijn medewerkers dat Borrelia inderdaad minstens één van de speekseleiwitten op vernuftige wijze gebruikt: het ontstekingsremmende salp15. De bacterie zorgt ervoor dat een bloedzuigende teek extra veel salp15 aanmaakt en hij maakt zelf eiwitten op zijn oppervlak waaraan salp15 bindt. Gewapend met dat salp15 kan Borrelia gedurende de eerste dagen in zijn nieuwe gastheer diens afweersysteem weerstaan. Vaccin ontwikkelen
Het belangrijkste, vind ik, is dat deze aanpak toepasbaar is op allerlei ziekten die door insecten of teken worden overgebracht, zoals malaria of gele koorts. Ook de verwekkers daarvan benutten wellicht eiwitten van hun voertuig om hun gastheer te kunnen lastigvallen, en op zulke eiwitten kunnen in principe vaccins gebaseerd worden.” Het originele artikel verscheen eerder in Cicero, het magazine van het LUMC te Leiden. Laatst bijgewerkt op 23 juni 2006
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid en Medische biotechnologie. Het Erfocentrum wordt gesubsidieerd door het Ministerie van VWS en de Centra voor Klinische Genetica. |
|